Blauwpoort Waregem: doen alsof er niets aan de hand is

De discussie over de afbakening van het kleinstedelijk gebied Waregem spitst zich vooral toe op het deelplan Blauwpoort, want over de rest is weinig discussie.

Gelukkig, collega’s. Gelukkig in dit dossier is er juist op tijd (op tijd om het dossier nog voor de verkiezingen rond te krijgen, zoals de stad Waregem zou willen en de provincie beloofd heeft) een nieuwe behoeftestudie voor industriezones klaar. Een behoeftestudie die na de passage van een 2e studiebureau ook het resultaat geeft dat de deputatie voor ogen had. Zo kunnen we rustig verder doen zoals we bezig waren en doen alsof er niet inderdaad dringend nood is aan een betonstop in Vlaanderen om de steeds voortschrijdende inname en verharding van de resterende open ruimte een halt toe te roepen. Wij hebben al eerder op verschillende fora onze bedenkingen geuit over de manier waarop de behoeftestudie tot stand is gekomen. En zie: we zijn niet alleen. Ik citeer uit het verslag van de procoro van 5 oktober 2017 uit het dossier ‘de voorzitter (van de procoro) is ontgoocheld over de wijze van de behoefte bedrijvigheid. De uitleg op p. 87 om de behoefte aan te tonen van Blauwpoort is ondermaats.’ De toelichting die gegeven wordt kan hem niet overtuigen.

We gaan, als we dit plan goedkeuren, zelfs doen alsof zuinig ruimtegebruik toch niet zo belangrijk is als we altijd zeggen. Want de adviezen om, als je dan toch die ruimte aansnijdt, meteen hoger bouwen toe te laten dan de 20 meter die in het eerste ontwerp voorzien was, worden toch niet echt gevolgd. En opnieuw: wij zeggen dat niet alleen. Ik citeer uit het advies van het Agentschap Innoveren & Ondernemen naar aanleiding van de 1e plenaire vergadering: ‘Een maximum bouwhoogte van 20m voor regionale bedrijven, op een grootschalig bedrijventerrein, langs de autosnelweg en met beperkt wonen in de buurt is op deze korte periode (en dan vergelijken ze met het dossier 2012) volledig achterhaald. Zowel in de bouwpraktijk van bedrijven als in het ruimtelijk beleid gericht op zuinig ruimtegebruik en ruimtelijk rendement.’ Waarschijnlijk zal straks geantwoord worden dat de maximum bouwhoogte vastgelegd is op 20m op het hoogste punt, zodat dit hoger kan als het terrein afdaalt. Maar dat is nu niet direct wat onder andere dit Agentschap voor ogen heeft.

En de deputatie vindt het blijkbaar ook niet erg om eenzijdig aandacht te hebben voor de harde bestemmingen. Want bij een afbakening van een stedelijk gebied hoort inderdaad ruimte voor wonen, bedrijvigheid en andere stedelijke functies. Maar daar hoort ook groen- en natuurgebied bij, zachte bestemmingen die belangrijk zijn als ademruimte voor de inwoners van die stedelijke gebieden. Maar het stadsrandbos dat wel in de theorie over dit stedelijk gebied aan bod komt, is in dit RUP niet terug te vinden. En voor ons hoeft het zelfs geen bos te zijn, want in de Leievallei is het veel logischer en ecologisch waardevoller om te zorgen voor natte natuur, eerder dan bos. Maar een groene bestemming wordt hier nergens voorzien. Opnieuw een citaat, deze keer van het departement omgeving: ‘Ten slotte betreurt het departement dat nog steeds geen initiatief of herbestemming is opgenomen ter realisatie van het stadsrandbos. Indien de provincie hier geen deelRUP voor opmaakt, dient ten minste duidelijk te zijn wie deze taak verder zal opnemen. Zoniet blijft dit onderdeel van de visie op de stedelijke afbakening wellicht dode letter.’

En nogmaals gelukkig, collega’s. Gelukkig is AWV ook bezig met plannen op te maken om de op- en afrit van de E17, en konden wij kennis maken met het voor Vlaanderen nieuwe concept van een Diverging Diamond Interchange. Zo kunnen we rustig doen alsof er niet vandaag al een probleem is met de mobiliteit en de luchtkwaliteit op deze locatie, alsof het niet problematisch is om nog bijkomend verkeer aan te trekken. Deze maand werden nieuwe modelkaarten luchtkwaliteit gelanceerd. Dit leidde tot krantenkoppen als ‘Luchtvervuiling in Vlaanderen erger dan gedacht’ en conclusies als ‘Tot in de kleinere Vlaamse gemeenten worden de Europese normen voor stikstofdioxide overschreden’. Inderdaad, vooral voor stikstofdioxide en dieselroet is het verschil tussen het oude en het nieuwe model groot, maar ook de nieuwe kaarten voor fijn stof zijn veelzeggend. Ik nodig u uit om die kaarten eens te bekijken voor wat betreft de omgeving van Waregem en dan nog eens de logica te beoordelen om hier nog bijkomend verkeer aan te trekken. Maar die nieuwe kaarten zijn natuurlijk te recent om al in het MER-rapport opgenomen te zijn. De files kunnen we natuurlijk met technische ingrepen tijdelijk milderen (tijdelijk omdat aangetoond is dat bijkomende capaciteit ook bijkomend verkeer aantrekt), maar de daarmee gepaard gaande luchtverontreiniging verdwijnt natuurlijk niet.

Kortom, net als de Procoro (opnieuw: we zijn niet alleen) kunnen wij ons niet in het onderdeel Blauwpoort van de afbakening van het kleinstedelijk gebied Waregem vinden. En wij vragen ons eigenlijk af, meneer De Block, waar bij in het dossier de argumenten terugvinden waarmee de deputatie het negatieve advies van de Procoro beantwoordt. Want u bent dat misschien niet gewend om te  moeten doen, maar in het overwegend gedeelte van de ontwerpbeslissing noch in andere stukken in het dossier vinden wij daar eigenlijk nergens een verwijzing naar terug. Terwijl je vanuit de motiveringsplicht voor overheidsbeslissingen toch eigenlijk zou mogen verwachten dat dit aan bod komt. 

Groen stemt dan ook tegen dit dossier.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s